Heb je vragen aan de redactie?
Bel dan 046-411 7551 of email:
redactie@weekendgezet.nl

Heb je vragen over adverteren?
Bel dan 046-411 7550 of email:
advertentie@weekendgezet.nl

WeekendGezet niet bezorgd?
Meld het en we maken er werk van!
Kun je niet direct vinden wat je zoekt? Of ben je op zoek naar een eerder geplaatst artikel?

TIP:
minder zoektermen zorgt voor
meer resultaten.
Registreer je bij WeekendGezet om deel te kunnen nemen aan onze acties & prijsvragen.

Ben je al geregistreerd? Log dan in met je persoonlijke loginnaam en wachtwoord.
Login bewaren
 
60 jaar WMC
In 2011 bestaat het WMC 60 jaar. Hoewel geen officieel jubileummoment, en waarom zou je je steevast aan officiële data vasthouden, zijn er zat redenen deze bijzondere mijlpaal te vieren. 2011 staat voor WMC en creativiteit, WMC en improvisatietalent alsmede WMC en muzikaliteit. Stuk voor stuk begrippen die ook 60 jaar na dato nog steeds blijken te leven en waarin het vertrouwen bestaat dat het WMC ook de komende decennia over voldoende levensvatbaarheid zal beschikken.

Achterban
Artistiek leider Harrie Reumkens: “Ik heb me erop betrapt dat we veelal naar de toekomst kijken. Uiteraard is dat voor het WMC van groot belang. Maar je kunt niet naar de toekomst kijken zonder het verleden onder de loep te hebben genomen. En dat zal ik dadelijk ook doen.” Reumkens, met 60 jaar WMC-geschiedenis in zijn hoofd lijkt iedere letter, iedere gebeurtenis, elke emotie en gevoel rondom het WMC op bijna encyclopedische wijze tot zich te hebben genomen. “Ze zeggen wel eens, ‘de jeugd heeft de toekomst’. Dat geldt ook voor het WMC dat op zoek is naar wegen om jongeren te trekken. Jongeren mogen tegenwoordig dan wel andere dingen doen, maar waarom zou je blaasmuziek niet met de jongere generatie verbinden? En dus moeten we omdenken, naar cross-over mogelijkheden of ‘anschluss’ zoeken én orkesten de tools in handen geven iets met de jeugd en het WMC te doen. Als je het mij vraagt er zijn mogelijkheden zat. Om de jeugd te enthousiasmeren, hen bewust te maken van de grote waarde van het WMC, hen deelgenoot maken van waar we mee bezig zijn en hun betekenis hierin, lopen jongeren als rode draad door de WMC feestweek.” Reumkens verwijst naar een op 30 mei uitgegeven persbericht. “Toen al hebben we aangegeven dat het 17e WMC verjongend en vernieuwend moet zijn. Want het is voor de ontwikkeling van de internationale blaasmuzieksector van belang dat nieuwe generaties muziekliefhebbers – zowel actief als passief - worden aangesproken. Wat de grootte van het WMC betreft, met in 25 dagen tijd circa 20.000 deelnemers kan ons Kerkraads muziekfestival zich gerust met de Olympische Spelen meten. En dat is, als je er zo over nadenkt, amper voor te stellen, vind je niet? Vanaf het allereerste moment in 1951 had het WMC succes en een achterban. Logisch, want mijnwerkersgebieden gingen altijd met blaasmuziek gepaard.” Reumkens loopt de jaren chronologisch door, beseft dat de veelomvattende historie achter het WMC moeilijk in één artikel te vangen is. “Het gevoel aan internationale verbroedering na de oorlog bleek groot en dus werd besloten het festival twee jaar later opnieuw gestalte te geven. En wat blijkt? Het WMC slaagt erin het grijze Kerkrade kleurrijk en opgetut op de kaart te zetten. Ik kan niet anders zeggen maar hier kunnen dingen die op andere plekken niet mogelijk zijn. En ook vandaag de dag zoekt het WMC nog steeds naar het aantrekkelijke karakter van dit specifieke stukje cultuur, een cultuur die zich van jong tot oud manifesteert en zich kenmerkt door teamwork, verbondenheid, sociale vaardigheden alsmede omgaan met jongeren en ouderen.”

Beheersbaar
“Ander opmerkelijk detail”, vervolgt de verteller zijn historisch verhaal, “naast de wetenschap dat het mijngebied als één van de rijkste gebieden mocht worden aangemerkt (waarin cultuur, middelen en mensen voorhanden waren) bleek Kerkrade in internationale contacten zeer hartelijk. Letterlijk hele gezinnen gooiden hun deuren open, fungeerden met alle liefde en plezier als gastgezin. Met handen en voeten communiceren, het lukte allemaal. En dan, in 1958, wordt het grootste WMC met meer dan 2000 gastgezinnen en meer dan 1 miljoen bezoekers ooit georganiseerd. Een fantastisch evenement waarin tegelijkertijd het besef groeide dat het WMC, wilde het beheersbaar blijven, in een ander jasje gegoten moest worden.” Acht jaar later, het is 1966, opent de Rodahal haar deuren waarmee de tenten die jaren tevoren het terrein in de zo kenmerkende WMC-stemming hulden, tot het verleden kwamen te behoren. “En dat terwijl je zou denken, ‘de mijnen zijn gesloten, het zijn zwarte dagen, het is gedaan’. Gelukkig bleek het WMC zo sterk geworteld dat het op zichzelf kon voortbestaan. En het waren ook die jaren waarin het WMC een enorme kwaliteitsverbetering doormaakte, gevolgd door een sneeuwbaleffect in de jaren zeventig.” Reumkens doelt op de dirigentenwedstrijden, het muziekscholenfestival, workshops, clinics, de directe ontwikkeling van amateurmusici tot professionals en de enorme ontwikkeling van amateurorkesten zelf. “Met het WMC als katalysator verbeterden het muzikale en bestuurlijke kader alsook de blaasmuziek aanmerkelijk. Het behoeft geen betoog”, vindt Reumkens, “maar met een succesvol evenement als het WMC kan het niet uitblijven of de lat wordt steeds hoger gelegd. Neem bijvoorbeeld de periode na 1985, een periode waarin zich een belangrijke ontwikkeling binnen de mars- en showwedstrijden aandiende en er toenemende aandacht voor het visuele aspect viel waar te nemen. Ineens zie je dat bands zich gaan specialiseren, op eigen wijze opbloeien, zodanig als was er sprake van een evolutie.”

Springlevend
De artistiek leider springt terug naar het heden. “Het valt niet te ontkennen maar we hebben veel orkesten die aan de basis van het WMC gestaan hebben en ook nu nog jong zijn. We mogen dan wel in vogelvlucht teruggekeken hebben, het programma dat tijdens de feestweek gespeeld wordt focust zich grotendeels op jongeren, het WMC en hun gezamenlijke toekomst. En daarmee heb je de rode draad van onze feestweek meteen weer te pakken.” Reumkens onderbreekt zijn verhaal, staat even stil zijn persoonlijke gedachten over 60 jaar WMC. “Meestal komt er één ding in me op. En dat is de gedachte die luidt, ‘potverdorie, hoeveel festivals hebben inmiddels het leven gelaten? En wij, het WMC, wij zijn springlevend. Hoe moeilijk tijden ook zijn, de gemeente heeft het aangedurfd de Rodahal, ónze tempel van Kerkrade op te knappen. Naast het feit dat de ‘tent’ in gemoderniseerde vorm ook in 2011 nog fier rechtop staat, blijkt Kerkrade nog altijd elementen van vroeger in zich te dragen. En dus is het goed daar straks op te toasten.”
 

tekst: Nicolien Bout
Wilt u meer informatie? Kijk dan op
www.wmc.nl